28/12/18. In dit relaas verwerkt de 18e-eeuwse Britse literator zijn ervaringen met opiumgebruik in zijn levensverhaal. In het langste van drie afdelingen schrijft hij over de gebeurtenissen in zijn jeugd die de basis legden voor zijn latere opiumgebruik. Hij was zeven toen zijn vader stierf en hij vier voogden kreeg. Hij liep weg van het gymnasium in Manchester, ging naar Wales en later Londen. Toch kon hij studeren in Oxford, waar hij ook weer vertrekt. Als hij in 1804 maag- en aangezichtspijnen heeft, raadt een vriend hem aan opium te slikken tegen de pijn. Hij doet dat en komt er nooit meer af. In het tweede gedeelte beschrijft hij de vreugde van de opium, voor hem de toestand van verhoogde waarneming. Het slotgedeelte gaat over de nadelige gevolgen van opiumgebruik: versuffing, verslaving, nachtmerries. In een epiloog beschrijft hij zijn poging om af te kicken. De auteur (1785-1859) schreef essays voor tijdschriften, waarvan weinig de tand des tijds doorstonden. Hij is nu bekend door dit boek, waarvan hier de eerste en beste versie uit 1822 redelijk is vertaald. Een eerlijk, direct en geestig verslag van zijn opiumgebruik en de roes waarin dat hem kan brengen. Informatief voorwoord van arts Dunning en enkele annotaties.

(Biblion recensie, Drs. M.A.H. de Swart.)

Bekentenissen van een Engelse opiumeter / T. de Quincey

€ 6,50Prijs
  • Bekentenissen van een Engelse opiumeter. Uitgeverij Candide. 1998. Isbn:9789075483130

    •  

Bonte Boeken

KvK-nummer

36013547

Winkel

Social media

Meld u aan op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte.

Muntstraat 9

1621GB Hoorn

0229-210807

info@bonteboeken.nl

Nieuwsbrief aanmelden

© 2023 by BINK. Publishers. Proudly created with Wix.com